2.1 Onbelaste reiskostenvergoeding stijgt naar € 0,25
De maximale onbelaste reiskostenvergoeding stijgt van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer. Er was al een goedkeurend beleidsbesluit. Nu wordt in de wet vastgelegd dat het bedrag met ingang van 1 januari 2026 is verhoogd. Of een werknemer recht heeft op € 0,25 per kilometer, hangt af van de cao, arbeidsovereenkomst en de afspraken binnen de organisatie.
2.2 Pensioenopbouwgrens blijft tot 2032 gelijk
Het bedrag waarover fiscaal gefaciliteerd pensioen kan worden opgebouwd, bedraagt in 2026 € 137.800. Van 2027 tot 2032 wordt deze grens niet geïndexeerd en blijft deze € 137.800.
2.3 Afschaffing vrijstelling producten eigen bedrijf
Vanaf 1 januari 2027 vervalt de gerichte vrijstelling voor branche-eigen producten. Geef je als werkgever je werknemers korting op producten van je eigen bedrijf? Dan moet je deze korting vanaf 2027 onderbrengen in de vrije ruimte van de werkkostenregeling. Hierdoor overschrijd je de vrije ruimte mogelijk eerder en betaal je sneller de eindheffing van 80%.
2.4 Nieuwe werkgeversheffing voor fossiele auto’s
Als werkgever betaal je straks een extra heffing van 12% van de cataloguswaarde van een fossiele personenauto die een werknemer ook privé mag gebruiken. Voor personenauto’s die al ter beschikking zijn gesteld, voorziet het voorstel in overgangsrecht. De werkgeversheffing komt naast de bijtelling van de werknemer en mag niet op de werknemer worden verhaald. Fossiele leaseauto’s kunnen daardoor fors duurder uitvallen, vooral bij auto’s met een hoge cataloguswaarde.
2.5 Expatregeling: onbelaste vergoeding daalt naar 27%
Met de expatregeling kun je bepaalde werknemers die uit het buitenland komen een onbelaste vergoeding geven voor extra kosten die samenhangen met werken in Nederland. Vanaf 2027 daalt de onbelaste vergoeding naar 27%, waardoor een kleiner deel van het loon onbelast is.
2.6 Nieuwe regeling voor aandelenopties bij start-ups en scale-ups
Voor innovatieve start-ups en scale-ups wordt medewerkersparticipatie via aandelenopties fiscaal aantrekkelijker gemaakt. Werknemers die via opties aandelen in hun werkgever kopen, werden voorheen belast over het volledige voordeel. Dit voordeel is het verschil tussen de inleg en de verkoopopbrengst. Onder de nieuwe regeling blijft 35% van dit voordeel belastingvrij. Daarnaast betaalt de werknemer pas belasting op het moment dat de aandelen worden verkocht.
Deze regeling moet op 1 januari 2027 ingaan. Aandelenoptierechten die op of na 17 april 2025 zijn toegekend, kunnen mogelijk ook gebruikmaken van de regeling.
2.7 Nieuwe toelatingsplicht bij het uitlenen van personeel
Uitzendbureaus en vergelijkbare ondernemingen moeten zich tussen 1 november en 31 december 2026 verplicht aanmelden voor het nieuwe register voor uitleners van personeel. Deze nieuwe regel gaat pas in op 1 januari 2027, maar wie zich later dan 31 december 2026 aanmeldt, krijgt te maken met een wachttijd totdat de inschrijving is verwerkt.
2.8 Versoepeling bij te late ingang van pensioen
Een ouderdomspensioen moet uiterlijk vijf jaar na het bereiken van de AOW-leeftijd ingaan. Gebeurt dat niet, dan wordt de waarde van het volledige pensioen in één keer belast, met een extra heffing van 20%. Door de voorgestelde versoepeling wordt het pensioen niet meer volledig in één keer belast. De gemiste pensioenuitkeringen worden in één keer uitbetaald en belast. De rest wordt vervolgens op de gebruikelijke manier uitgekeerd, zonder de extra heffing.
2.9 Meldplicht bij opting-in wordt bewaarplicht
Als een opdrachtgever en een opdrachtnemer er samen voor kiezen om hun arbeidsverhouding voor de loonbelasting als ‘dienstbetrekking’ te behandelen (opting-in), hoeft de overeenkomst niet meer te worden opgestuurd naar de Belastingdienst.
2.10 Eerstedagsmelding verdwijnt vanaf 2027
De Belastingdienst kan werkgevers verplichten om nieuwe werknemers uiterlijk op hun eerste werkdag aan te melden. Deze plicht wordt in de praktijk niet meer gebruikt en wordt daarom afgeschaft.
2.11 Vast uurloon S&O-afdrachtvermindering stijgt
Voor werkgevers die met RVO de afspraak hebben een vast uurloon te gebruiken voor de berekening van de S&O-afdrachtvermindering, geldt dat het vaste uurloon per 1 januari 2027 stijgt van € 29 naar € 33.
2.12 Hogere Aof-premie verhoogt werkgeverslasten
Het kabinet wil een deel van de extra defensie-uitgaven financieren via een zogenoemde vrijheidsbijdrage van burgers en bedrijven. Voor werkgevers wordt deze bijdrage grotendeels verwerkt in een hogere premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof). De definitieve premiepercentages worden later bekendgemaakt.